­

"Wij geloven dat vanuit de liefde

Gods elk mens waardevol is"

Vóór Sinterklaas, dat wil zeggen al drie weken voor Kerst, stonden er al kerstbomen op straat te koop bij bloemisten. De tuincentra volgden ook al rap met hun reclamefolders vol bomen. Een trend die overigens al jaren geleden is ontstaan.

Door Black Friday en het storende gedoe van de zeurpieten tegen Zwarte Piet had de Sint het al moeilijk genoeg en nu wordt hij ook nog overruled door de vroege aandacht die op het naderende Kerstfeest wordt gericht.

De kerstbomenverkoop verloopt parallel met de reclames en het vele drukwerk van alle bekende supermarkten die een enorm assortiment aan etenswaren aanbieden. Ook dat is een ontwikkeling die al jaren geleden is ingezet. Inslaan is dit jaar het motto.

Dan is er ook nog de uitbundige verlichting die sommigen rond hun huis en in de tuin aanbrengen. De eerste kerstboom – nou ja, een metershoge stellage vol met ledlampjes –  zag ik al eind november ergens buiten staan. Afgezien van het te vroege tijdstip staat die verlichting wel feestelijk in de donkere avonden. Echter rendieren en kerstmannen storen mij wel, die slaan toch nergens op bij het Kerstfeest?

Een geheel ander fenomeen is het grote aantal kerstconcerten. Voor de muziekliefhebber best moeilijk kiezen en voor de zangers en musici drukke dagen. Dus zaak om de agenda goed in de gaten te houden. Hetzelfde geldt ook voor de kerstvieringen van verenigingen en organisaties. Gezellig, met collega's of bekenden, als het in je agenda is in te passen.

Alles bijeen dus een grote decemberdrukte of zo u wilt kerstdrukte. Welke rol spelen de kerken daar in? Stellen de kerken daar iets tegenover met een eigen geluid? Er worden zeker mooie pogingen ondernomen om een eigen visie te laten zien. Voorbeeld daarvan is de expositie van kerststallen in de Sint Ansfriduskerk in Amersfoort. Kerststallen zijn toch de duidelijkste verwijzingen naar het kerstverhaal? Dat zou een traditie moeten zijn, een kerststal in de kerk in plaats van een boom, die kerkelijk gezien nergens op slaat!

Cees Tiernego

In het televisieprogramma Nieuwsuur kwam onlangs (25 augustus) de ontwikkeling op kerkelijk gebied met betrekking tot kerkgebouwen aan de orde. Het is inmiddels al jaren een bekend verschijnsel dat her en der in den lande kerkgebouwen worden afgestoten, een proces dat almaar doorgaat. Er zijn inmiddels al heel wat, soms beeldbepalende, kerkgebouwen verdwenen. Een treurige zaak.

Hebt u dat ook wel eens, de neiging dat u de televisie de deur uit zou willen doen omdat er niets interessants van enig niveau tussen de programma's is te vinden.

Deze zomer was er weer veel sport (WK, Tour, Wimbledon). Maar ook de vele talkshows waar steeds dezelfde “bekende nederlanders” aan tafel zaten. Toen zo ongeveer iedereen overal aan bod was geweest om zijn of haar zegje te doen over de uitglijder van minister Blok was de hype prompt over. Volgende zaak!
Max kan mij ook niet echt boeien met “Heel Holland bakt” of “Wij zijn er bijna”, maar dat is een kwestie van persoonlijke smaak.

Ter gelegenheid van het overgaan op een nieuw Liedboek schreef ik destijds een lied dat in Ten Dienste is gepubliceerd. Bij het zoeken naar een document op mijn computer kwam ik dat lied ineens weer tegen. Het is dus een gedateerd geschrift, wij zijn inmiddels 5 jaar verder en gewend aan het gebruik van het nieuwe Liedboek. Toch leek zo'n lustrum mij wel een passend moment voor een herdruk. Bij deze.

Tot nu toe heb ik in mijn columns nooit plaatselijke situaties of ontwikkelingen aan de orde – of zo u wilt “aan de kaak” – gesteld. Dat is namelijk een heikele zaak. Je kan zomaar op iemands tenen gaan staan en dat probeer ik te allen tijde te vermijden. Ook lezen anderen mee. Toch zijn er wel eens zaken waaraan ik in een column aandacht zou willen besteden. Vandaar dat ik nu toch een plaatselijke situatie aan een beschouwing wil onderwerpen. Dat iemand het niet met mij eens hoeft te zijn is natuurlijk vanzelfsprekend.

­