­

"Wij geloven dat vanuit de liefde

Gods elk mens waardevol is"

Gemeente van Jezus Christus,

Anekdote/kwestie eerste gemeente: Verzoek aan oud-kerkenraadslid om ergens in te bemiddelen. Nadat ik het een en ander had uitgelegd, zei hij supersnel:  Ik voel me totaal niet geroepen om dat te doen. Ik moet een onthutst gezicht hebben gehad. Hij zei. Ja, ik zeg het maar recht voor z’n raap. Ik: ik had niet verwacht dat u het op uw roeping zou betrekken. Dat doe ik ook niet. Maar u zegt het. Nou ja, dat is maar een uitdrukking zei hij. We hebben toen een heel gesprek gehad over roeping. En wat dat nou precies inhoudt. Het kostte een aardig stuk van de middag.  Met de gelukkige uitkomst dat die man het toch ging doen.

Vanmorgen hebben we het over roeping, over geroepen worden. Niet zomaar of je komt eten, of even een boodschap wilt doen. Maar hier gaat het over je hele leven. Om je zijn. Daar ging het ook om bij die vissers aan het meer van Galilea. Het meer. Ik zeg liever zee. Want dat staat er ook in het Grieks. En niet voor niets. De zee, dat staat symbool voor de krachten, de machten, het onberekenbare, het ongeordende, de chaos. Zoiets als we donderdag j.l. zagen. Zag u die pont op de rivier. Die amper varen kon, maar door de orkaan over het water werd geschoven?

Het is een bekend verhaal vanmorgen. Hebt u wel eens over die vissers nagedacht. Hoe het toch kon dat ze zo maar meegingen. Kenden ze Jezus al. Wisten ze al iets van Hem af?  Hadden ze misschien zijn eerste preek zelf gehoord? Waar ik net over las. Want Jezus ging daar in die streek rond, sprak over het Koninkrijk van God dat in Hem dichtbij gekomen was. Dat was de tekst van zijn eerste preek. Best heavy. Er was geen woord frans bij. Hij riep de mensen op tot bekering. Grieks woord dat betekent dat je totaal anders moet gaan denken. Het zou kunnen dat die mannen er iets van gehoord hadden. Het waren eenvoudige mensen. We kunnen ze absoluut niet vergelijken met die Nederlandse vissers die afgelopen week bij ons in het nieuws waren. De zgn. pulsvissers. Die enorme investeringen hebben gedaan om vis te vangen met behulp van electrische stroomstootjes. De Franse vissers hebben dat met lede ogen aangezien en Brussel heeft de Nederlandse vissers een halt toegeroepen. Zo mag er niet worden gevist. Een enorme teleurstelling. Hier zijn de vissers arme drommels. Die met ontzaglijke armoedige en krakkemikkige bootjes die zee opgaan. Leven onder de Romeinse overheersing, dat betekent veel belasting moeten afdragen aan de tollenaars. Wat vette winsten, ze kunnen nauwelijks het hoofd boven water houden. En dan komt er iemand voorbijlopen die zegt: Ga met Mij mee, Hij zegt niet ik zal jullie omscholen tot pulsvissers, maar tot vissers van mensen.  Wisten ze wat dat inhield, zagen ze een plaatje voor zich. Zagen ze het als een avontuur. Hebben ze gedacht nee heb je, ja kun je krijgen. Hebben ze gedacht aan vrouw en kinderen, aan hoe het dan moest met het brood op de plank thuis. Dat weten we allemaal niet.  U moet weten daar ging het niet over als dit stukje Evangelie in de gemeente werd voorgelezen. Dan klonk het als een voorbeeld en een aansporing tot geloof. Om het met Jezus te wagen, om een discipel, een leerling van Hem te worden. Het is een achteraf verhaal. Dat de gemeente van de eerste eeuw bij de les houdt. Zó was het begonnen. Zo werd en wordt de eerste stap gezet in het hoofdstuk Jezus ga ons voor.

Ook hier vanmorgen. Over roepen, geroepen worden, roeping. Jezus riep kennelijk met gezag, met autoriteit. Hij straalde dat wellicht uit, of de woorden klonken zo dat die vissers meteen wel wisten dat ze niet anders konden doen dan volgen. Dat is roepen met effect. Er bestaat een ouderwets woord voor dat je nooit meer hoort, onwederstandelijk. Niet te weerstaan. Jezus roept twee setjes mannen. 2x2 broers. En die tweede keer is zo schilderachtig. Dan zien we die twee bezig met hun netten, met hun vader, zo helemaal in hun bedoening. Hun vak dat ze beheersen, dat werk dat hun zo vertrouwd is. Hun vader met wie ze altijd optrekken. En daar gaan ze uit. Ze laten dat vertrouwde los, ze laten het achter. Ze gaan met Jezus mee. Dat moeten we eens dichterbij trekken. Naar ons leven, onze huizen, ons privé, ons drukke bestaan, gevuld met betaald of onbetaald werk, onze dagvulling oppassen op kleinkinderen, museumbezoek, vakantietjes, de tuin, al onze liefhebberijen, onze hele bedoening. Daar kan een ander zo maar niet aankomen. En dat moet ook niemand proberen. Want het is ons leven, ons privé. En dan zingen we Hij komt vandaag misschien voorbij. Hij roept ook ons, roept jou en mij om alles op te geven en trouw Hem na te leven. Hebben we die stem wel eens gehoord, zo heel krachtig. Misschien toen u belijdenis deed of ging doen. Of ooit in een preek, u weet het nog toen en toen op vakantie was het. Het leek alsof het speciaal tegen jou werd gezegd. Je kunt ook geroepen worden door een gedicht of een boek. In mijn studietijd kwam ik via iemand anders in aanraking met een boekje. Ik weet niet eens meer of ik het nog heb. Het heette De hoge weg. ’t Was van een Amerikaanse jonge vrouw. Ze schreef in dat boekje over het gaan van de hoge weg. Helling. Vele wegen naar boven. Maar het ging erom dat zij niet de voor de hand liggende weg nam naar boven, maar steeds koos voor de hoge weg. De moeilijke, de meer ingewikkelde weg. De onvoorspelbare. Niet de kortste weg. Het ging om de weg die Jezus ging. Ik werd door dat boekje heel erg aangesproken, het heeft mijn leven toen ook wel behoorlijk beïnvloed in mijn keuzes. Jezus ging ook vaak de ingewikkelde weg en dat heeft te maken met zijn missie. Blijkt uit dat hele Marcusevangelie. Om de wereld te laten zien hoe lief God de wereld heeft. Jezus wendt zich daarbij niet tot de theologische bobo’s van zijn tijd, Hij benadert vissers. Hij raakt melaatsen aan, met kans dat Hij zichzelf besmet. Hij maakt contact met publieke vrouwen, tollenaars. Hij heeft oog voor al wat zwak en hulpeloos is. Hij maakt zijn naam aan al die mensen waar. Jezus. God redt…... Gods weg gaan. Dat is nooit de kortste, nooit de makkelijkste weg. Het is een weg die je moet ontdekken. Achter Hem aan. Want Jezus wil op zijn missie mensen inschakelen. Twaalf discipelen koos Hij en er was nog een grotere discipelkring. Allemaal mensen die wilden leren. Zo is er in de eerste eeuw een explosie van leerlingen, gekomen. En heeft die gemeente in Rome zitten luisteren naar de woorden van Marcus. Hoe het begonnen is en hoe het steeds weer moet beginnen.

Deze week kunt u kennis maken met iemand die wellicht uw nieuwe predikant wordt. Als dat doorgaat, wordt er een beroep op haar uitgebracht. Dan roept u haar als gemeente. En dan zal het over gaan of zij zich geroepen weet. Roeping heeft. Dat zou donderdag de mooiste vraag van de avond kunnen zijn. Daar heeft ze zeker wel over nagedacht aan het begin van de predikantenloopbaan. En wat nou als zij daarna zou vragen . Hoe is dat hier. Zijn jullie ook allemaal geroepen……….

Want je moet als gemeente, je kunt als gemeente niet alles van de dominee verwachten. Die dominee heet ook wel een voorganger. In geloof, in dienstbaarheid, met de gaven en talenten die hij of zij heeft. En samen ga je dan de hoge weg door de bergen, op weg naar de top. Naar de grote steenman, met een vlag erop. Daar heb je het uitzicht, overzie je het geheel en begrijp je alles.

Terug naar de vis. Want die vis is het symbool geworden. U kent dat Griekse woord voor vis wel. Ichtus. Heel veel kerken heten er ook naar. Dat woord is gevormd door letters die allemaal benamingen zijn van Jezus. Teken op een auto. Zie je ook in de catacomben. Daar onder de grond kwamen de christenen wel samen, toen ze vervolgd werden. Doolhof van gangen. Je denkt dat je er niet uit komt, als je andere mensen niet goed in de gaten houdt. Op de kruispunten zie je dan soms dat ichtusteken. Een afgesproken teken dat de weg wees, deze kant op. Hier vanmorgen zijn we ook bij elkaar in deze kapel. Vanwege die Visser die mensen roept, die mensen verandert. Onze voorganger met een hoofdletter. Die zijn enkele leven prijsgaf om zoveel mogelijk mensen te winnen. Hem vieren wij straks in de maaltijd omdat Hij ons geroepen heeft en roept.

Hij komt misschien vandaag, vanmorgen voorbij. En roept ook ons, roept jou en mij, om alles op te geven en trouw Hem na te leven.

Amen

­