­

"Wij geloven dat vanuit de liefde

Gods elk mens waardevol is"

Uitleg en verkondiging vanuit Marcus 8:22-26/Zach. 8:4-8

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,
Het eerste wat we vanmorgen deden, toen we wakker werden, is onze ogen opendoen...verwonderen u en jij zich er dan wel eens over, dat je dan kunt zien?...Nee zeker...ik tenminste niet, eerlijk gezegd...ik leef vaak alsof zien iets vanzelfsprekends is...maar iemand die slechtziend of blind is, weet wel beter...

Iemand die blind is, ziet iets wezenlijks waar ik als ziende meestal blind voor ben, namelijk dat zien níet vanzelfsprekend is...en écht zien is zelfs zo onvanzelfsprekend, dat wij dat tijdens ons leven steeds weer opnieuw moeten leren...

Zo ziet ook de blinde, die door Jezus genezen wordt, niet meteen goed...hij ziet –als Jezus hem op zijn ogen heeft gespuugd- eerst mensen als bomen...ja, dat op de ogen spugen klinkt een beetje raar en vies misschien maar in die tijd kenden ze aan speeksel in sommige gevallen een geneeskrachtige werking toe...maar als Jezus hem dan voor de tweede keer de handen oplegt, dan ziet hij pas de mensen als mènsen...en daar gaat het om, niet waar: dat je ménsen, medemensen leert zien...bij Jezus gaat het daar tenminste wel om...

Toen Jezus bij de eerste keer op de ogen van de blinde spuugde, staat er in de Griekse grondtekst een woordje dat gewoon ‘oog’ betekent... maar als Jezus dan bij de tweede keer zijn handen op de ogen van de blinde legt, dan staat er in het Grieks een ander woord, dat ook ‘geestelijk oog’ of ‘verstand’ kan betekenen... in-zicht…

In het evangelieverhaal van vanmorgen betekent ‘je ogen opendoen’ daarom ook meer dan je denkt...zoals wij dat ook kennen in ons eigen spraakgebruik: ’toen gingen mij de ogen open’, hoor je wel eens zeggen...en dan bedoelen we ‘ik had steeds een blinde vlek, omdat ik mijn vooroordeel niet wilde toegeven’...Toen mijn nors uitziende buurvrouw van een paar huizen verderop mij bloemen kwam brengen, toen ik uit het ziekenhuis thuiskwam, ‘gingen mij de ogen open’ en zag ik opeens dat zij heel anders was dan ik altijd gedacht had...

‘Eye-openers’ noem je dat...Dat doet Jezus voortdurend als Hij onderweg mensen ontmoet...Hij bezorgt hun eye-openers...En zo bezorgt Hij met die tweefasengenezing niet alleen die blinde mens een eye-opener, maar ook ons...

Marcus geeft ons dit verhaal immers door met de bedoeling dat ook ónze ogen geopend worden...dat wij leren zien dat in Jezus het Koninkrijk van God al aangebroken is en dat door Hem dat Koninkrijk dicht op je huid komt...als uitzicht voor je leven en bevrijding van je bestaan...

Ook wij moeten genezen worden van een bepaald soort blindheid... want wij mensen staren ons maar al te vaak blind op onze eigengemaakte zekerheden, niet waar...op ons bezit en op onze standpunten en gewoontes...ook in onze ontmoetingen met elkaar…

Blinde mensen kunnen ons dan nog wel het nodige leren...zij kunnen naar mijn idee vaak beter luisteren dan ziende mensen...blinde mensen hebben misschien ook meer van nature de grondhouding van tastend zoeken dan van meteen oordelen...toen ik in Odijk predikant was, kwam Oscar, een blinde jongen uit Bartimeüshage, regelmatig in de kerk…en toen ik hem voor het eerst ontmoette, ging hij opeens met zijn hand over mijn gezicht...hij raakte me aan en ging tastend op zoek naar hoe ik er uit zag...

Maar wij hebben, nadat we iemand één keer gezien hebben, soms ons oordeel al klaar...wij nemen vaak niet de tijd om te tasten naar het wezen van de ander tegenover ons...en dan blijven we min of meer blind…en hebben we iemand nodig die ons echt leert zien…wie is Jezus?...Jezus is de mens namens God die ons nieuwe ogen geeft…

Hoe zou die blinde ‘het weer echt kunnen zien’ ervaren hebben, vraag je je dan af…het moet haast wel iets  als een nieuwe geboorte zijn geweest...een wakker worden uit de duisternis...

Ik lag in een donkere kamer
in de nacht
en mijn ogen, zoekend in het duister,
zagen dat alles grijs was,
lichtgrijs, donker grijs,
heel donker grijs,
bijna zwart.

En de zon kwam op door het raam
en het plafond werd wit
en de kozijnen rood
en de gordijnen ontwaakten
met allerlei prachtige kleuren
door elkaar.

En mijn liefste naast mij
keek mij aan met blauwe ogen
die straalden.
En wij gaven elkaar
een kus van licht en liefde.
Zoiets moet het geweest zijn,
toen Jezus die blinde aanraakte
en hem het licht in zijn ogen gaf.       (Simon J.D.)

Ja, het moet zijn geweest als een opnieuw geboren worden op de eerste dag van de nieuwe schepping...dat je het leven ontdekt, zoals de Enige, onze God, het van den beginne bedoelde toen Hij ‘licht!’ riep in de duistere chaos die het bestaan kan zijn...

Kijk, gemeente, als het er om gaat dat onze ogen geopend worden voor het goede leven dat God met ons op het oog heeft, dan lijken we vaak nog op baby’s...als baby moesten we ook allerlei stadia doorlopen, voordat we echt helder gingen zien en ook gingen begrijpen wat we zagen...inzicht daagt meestal langzaam... net als de dag zelf...die is er ook niet zomaar...eerst is het nog schemerig...het is niet ineens volop licht...

En dat was bij die blinde ook zo...die zag eerst mensen als bomen... maar Jezus is pas tevreden als hij de mensen ziet als ménsen...in de bijbel ben je pas van je blindheid genezen als je je medemensen echt ziet…echt ziet door naar hen om te zien...en dan komt de vraag op: hoe vaak zien wij onze medemensen over het hoofd?...Of: hoe vaak wil ik die ander niet zien en sluit ik mijn ogen?...

Daarom is het zo belangrijk dat we een diaconale gemeente zijn…en zeker, daarom is het ook belangrijk dat er diakenen zijn…vanmorgen mogen we een diaken bevestigen en daar zijn we erg blij mee…maar het gaat er natuurlijk om dat we ons allemaal een diaconale instelling eigen maken: dat wij mensen zien…en dan allereerst mensen zien die níet gezien worden…mensen die in de marge van de maatschappij zijn gedrukt…

Wat dat betreft zijn we als kerk ook wel eens blind, wees eerlijk…dan zijn we teveel aan het navelstaren en teveel naar binnen gericht…maar de gemeente van Christus moet haar oog juist gericht houden op de wereld om haar heen, ver weg en dichtbij…

Maar als je in die wereld rondkijkt, dan kun je vaak schrikken…dan zie je zelfs dat mensen elkaar de ogen uitsteken...dat gebeurt soms letterlijk bij gruwelijke wreedheden, maar in onze omgeving en misschien bij onszelf gebeurt dat ook wel eens figuurlijk: mensen vernederen...wegzetten... diskwalificeren...

Misschien dat Jezus die blinde mens daarom buiten het dorp brengt... omdat er uittocht nodig is uit een wereld waar mensen elkaar het licht in de ogen niet gunnen...uittocht uit een wereld waar regeringsleiders blinde machtsspelletjes spelen en met tanks en raketten ouden van dagen tot wanhoop brengen en de pleinen van de spelende kinderen verwoesten, zoals in Syrië is gebeurd...

Daarom is Jezus’ genezing van die blinde mens ook een verzetsactie...het is een positieve scheppingsdaad tegenover verduisterende praktijken…

Maar als Jezus die blinde meeneemt zijn dorp uit, dan neemt Hij hem ook zijn houvast af…iemand die blind is, heeft immers een vertrouwde omgeving nodig waar alles zijn vaste plaats heeft…je moet niet in zijn woonkamer de stoelen gaan verzetten…maar Jezus haalt hem of haar uit dat vertrouwde weg…dat is ook uittocht… 

En als Jezus nu ook óns bij de hand neemt en buiten het dorp brengt en onze ogen opent, net als bij die blinde mens...en ons merkwaardig genoeg daarna naar huis stuurt met de woorden dat wij niet meer in ons dorp mogen komen, dan betekent dat dat ook wij de oude platgetreden paadjes van ons kortzichtige leven definitief moeten verlaten en een nieuwe weg moeten gaan bewandelen...de weg van Jezus natuurlijk…

Hij geeft ons nieuwe ogen zodat wij ons huis nieuw leren zien...onze dorpsgenoten nieuw leren zien...onze straat, onze kerkgemeenschap...alsof we in een nieuwe plaats gaan wonen...wij mogen nu alles –kritisch en vol ontferming- leren zien in het licht van Gods bevrijdende liefde...in het licht van Gods nieuwe schepping...want wij hebben door de aanraking van Jezus leren zien als... ja, als de ziener Zacharia...

Zacharia, die zijn volk bij de herbouw van het verwoeste Jeruzalem een injectie van hoop geeft door een visioen vol toekomst...”Er zullen weer oude mannen en vrouwen op de pleinen van Jeruzalem zitten, ieder met een stok in de hand vanwege zijn of haar hoge leeftijd. Ook zullen de pleinen van de stad vol zijn van jongens en meisjes, die daar spelen.” (8:4,5)

Het is een soort gelovig ‘ik zie, ik zie, wat jij niet ziet en het lijkt op het Koninkrijk van God’ wat de profeet daar speelt...en het gaat Zacharia erom, dat ook wij gaan zien wat hij ziet...het gaat erom dat onze ogen geopend worden voor het visioen van gerechtigheid en vrede en dat wij aan dat visioen onze visie verbinden...onze levensvisie…

Dat visioen wil ons aansteken met verzet tegen de blinde meedogenloosheid van deze wereld...tegen terroristische aanslagen en tegen discriminatie…tegen machtsmisbruik en geweld op straat en binnenshuis en in allerlei verbanden, waar mensen elkaar niet genezend aanraken –zoals Jezus die blinde- maar zich aan elkaar vergrijpen...

Ja, het visioen van Zacharia wil ons helpen aan vèrziendheid in een situatie die uitzichtloos kan lijken...uitzichtloos doordat een aardbeving je huis wegvaagt... of doordat je je liefste zo mist of doordat alle spanningen je teveel zijn geworden of doordat je je zo doodeenzaam voelt bij al die chemokuren...dat visioen vertelt iets over Gods verborgen werkelijkheid, die tot zegen zal zijn over je bestaan...al is het dwars door je kwetsbaarheid en vergankelijkheid heen...

Misschien is dat wel de belangrijkste eye-opener van vanmorgen: De eye-opener van de hoop die Jezus en Zacharia ons willen bezorgen...zodat wij nooit meer cynisch naar de wereld kijken of naar onszelf of naar onze medemensen...maar dat wij leren kijken zoals Jezus naar de blinde kijkt en leren kijken zoals de blinde de mensen leert zien...met moed en vertrouwen en helder en scherp met de diaconale en pastorale ogen van Gods liefde en ontferming…

Ja, dan word je wakker en gaan je ogen open…en je kijkt verrast om je heen en denkt: zo had ik het nog nooit bekeken. Amen.

­