­

"Wij geloven dat vanuit de liefde

Gods elk mens waardevol is"

Hoeveel woorden zouden op een dag mensen met elkaar spreken, hoeveel zou er worden afgepraat, thuis, op straat, in winkels, op het werk..? Wezenlijke- en niet wezenlijke gesprekken, lege en geladen woorden, zakelijke en emotionele woorden…en hoeveel zou er gezwegen worden, omdat woorden misschien te kort schieten?  En tenslotte, tussen alle praten en zwijgen door zijn er de woorden, die alleen maar tastende aanduidingen zijn, pogingen om het onzegbare tóch te zeggen en het onbereikbare tóch te grijpen.  Woorden kunnen in elk woordenboek staan, maar de vermelde betekenis hoeft niet altijd te kloppen, want soms is onze lading vol met gevoelens, belevingen en de betekenis is veel genuanceerder dan wat daar in het woordenboek staat. Bij mooie muziek kan je genieten van de klankkleur, maar dat kan niet want klanken hebben geen kleur en zijn onzichtbaar. Daarom is luisteren naar iemand die je iets vertelt zo belangrijk en moeilijk, omdat je signalen moet opvangen in woorden of gebaren die tastenderwijs worden uitgesproken.

Je zou kunnen zeggen: er zijn 2 talen in de omgang, 2 lagen van taalgebruik. Er is een taal van klare waarheden, begrippen, formules en ieder verstaat die taal. Als ik zeg: “Maarn ligt langs een spoorlijn”, dan kan niemand dat tegenspreken, er zit niets tussen. En juist dat is een heel goede uitdrukking: er zit niets tussen, want dat zit er nu juist wél als we de z.g. tweede taal gebruiken. Als iemand wil zeggen wat hij in het diepst van zijn ziel hoopt of gelooft of voelt, als het gaat over liefde of dood, over God en geloven, dan worden woorden gebruikt die het nooit precies uitdrukken, dan zit er een heleboel tussen, werelden van gevoelens en verborgen waarheden.  Dat is de tweede taal, die a.h.w. diep onder de eerste ligt, als een oudere aardlaag, de taal van het hart, de taal van de liefde, de taal van geloof. Geen exacte woorden, maar beelden, brokstukken visioen, verhulde taal, dichterlijke taal.

In Woord en Dienst, een opiniërend magazine voor Protestants Nederland werd in deze maand van Hemelvaartsdag gevraagd: “Wat is de hemel voor jou?” Ik dacht toen: daar kun je alleen in de tweede taal over spreken.  Als de verloren zoon thuis komt zegt zijn vader: ”mijn zoon was dood en is weer levend geworden”. Natuurlijk onzin, want die zoon had steeds geleefd, maar in de tweede taal, die van de emotie, van het hart, drukken ze de diepste waarheid uit voor de vader! De jongen was dood en leeft weer!

wolkenIk dacht aan het verhaal van de hemelvaart (Hand.1: vers 9vv, Nieuwe Vertaling!) waar Jezus voor de ogen van de discipelen werd opgenomen en een wolk onttrok Hem aan hun ogen…! Er schoof iets tussen… Tussen de kijkende leerlingen en de hemel! Hemel. Hier kan men niet meer in de eerste taal, met exacte begrippen en waarheden spreken, menselijke ogen zien niet verder dan de wolk en de wolk is in de Bijbel beeld van Gods Aanwezigheid… De hemel is waar God is, die dimensie staat niet in ons woordenboek.  Onze ogen kijken niet verder dan onze aardse dimensie. We tasten nu met onze tweede taal naar woorden  van geloof, van vertrouwen en we zeggen : de hemel is waar God is en waarschijnlijk ook onze geliefden…  De hemel is een woord vol geladenheid, vol geloof, vol vertrouwen, maar ook vol onzichtbaarheid…Wij hier op aarde en waar is God? Wij zien Hem niet. Een onmetelijke afstand van ons leven hier?  Of mogen we zeggen: slechts een wolk schoof ertussen, tussen God en ons? Een wolk, daar kun je niet doorheen kijken, maar wel doorheen lopen! Soms even, bij God in en uit?... Hemelse momenten beleven, even de tweede taal gebruiken waarin woorden hun letterlijke betekenis verliezen en tasten naar het geheim dat óver de grens ligt?  In die andere dimensie…

Wij leven in een wereld waarin geschreeuwd wordt, waarin het journaal ons telkens vreselijke beelden toont, waarin mensen elkaar pijn  en verdriet doen en waarin men vaak de schouders ophaalt voor verhalen over God en hemel en leven met een hoofdletter: Leven.  In zo’n wereld lezen we bijbelverhalen met woorden waarvan de betekenis niet in het woordenboek staan.                                                                             
Ik denk dat we de diepere laag van de tweede taal moeten leren verstaan in alle bijbelverhalen en onze gevoeligheid moeten trainen voor beelden, waarvan die taal zich bedient. Voor mijn geloof zijn de woorden en een wolk onttrok Hem aan hun ogen cruciaal geweest. Met vakantie in de bergen heb ik dat een keer heel intens ervaren:  wolken, die zich om me heen sloten en me alle zicht ontnamen en de wonderlijke ontdekking dat ik er niet doorheen kon kijken maar er wel doorheen kon lopen…God was onzichtbaar nabij.

Betty Holtrop

Een beeldje op een Kerkplein…

Enige tijd geleden, toen ik naar “Tijd voor Max” keek, kwam “Raad de plaats” aan de orde en zag ik ineens het Kerkplein van Olstbeeld4 met het beeld van de bekende Utrechtse beeldhouwer Pieter d’Hont. Het verraste me, want hoe vaak was ik daar niet langs gelopen gedurende de vele jaren dat ik in Olst woonde en werkte.  Het vrouwenbeeldje wordt door de Olstenaren “Vrouw met duif” genoemd en bij Google “Vrouw metbeeld3 vogel”!  Maar ook destijds, toen ik er woonde, heb ik geprobeerd om uit te leggen wat de beeldhouwer had bedoeld met dit beeldje naast de Kerk, dat hij noemde “Vorm en Geest”, zoals ook geschreven staat op het koperen plaatje op de sokkel Een vrouw met een duif op haar hand is niet zo spannend, zou je zeggen. Maar de spanning ontstaat pas wanneer je de beeldtaal begrijpt en wanneer duidelijk wordt wat de beeldhouwer heeft willen uitdrukken met dit beeldje op deze plaats.

Van de zomer liepen we in Italië langs een oude kerk en uit de toren groeide een flinke boom! Dat was heel opvallend en ik maakte er een foto van. Maar er kwam ook direct in mijn gedachten een beeld bij. Nu moet ik zeggen dat ik altijd in beelden denk . Vroeger in mijn gemeente probeerde ik dat de catechisanten te leren! Ik vroeg hen om , b.v. onderweg naar school, iets te zien wat in verband was te brengen met God of met geloven :”kleine gelijkenisjes maken” noemde ik dat.. Soms ook gaf ik hun een stapeltje foto’s waaruit ze iets moesten zien te verbinden met het geloof.

Verdriet is op zich zelf onzichtbaar.  Wat een ander daarvan ziet, dat zijn je tranen.   Een vriend ziet de tranen en weet nu dat jij verdriet hebt.  Door “er bij te zijn” probeert hij je tranen te drogen en daarmee helpt hij je onzichtbare pijn te verzachten.

U bent misschien wel eens geweest in de Dom van Utrecht of in de St Bavokerk in Haarlem of in de St Janskerk in den Bosch?
Dat zijn de grote voorbeelden in ons land van gothische kerkbouw.

­